Een eiland aan het Vlie
De Waddeneilanden ontstonden rond 5000 voor Christus als lage zandruggen, die door helmgras en biestarwegras konden uitgroeien tot duinen met kwelders erachter.
- Deel van Texla: in de vroege middeleeuwen hoorde Vlieland bij het gewest Texla, en het huidige Eierland op Texel was toen nog een deel van Vlieland.
- Gescheiden door het Eierlandse Gat: door het ontstaan van een nieuwe zeegeul, het Eierlandse Gat, raakten Vlieland en Eierland van elkaar gescheiden.
- Insula Fle: in de 13e eeuw werd het eiland, toen Insula Fle genoemd, volgens de overlevering geschonken aan het klooster Ludinga bij Achlum in Friesland.
- Eerste vermelding: Oost-Vlieland, toen Osteynde, wordt voor het eerst genoemd in 1245, en daar stond toen al een kapel.
Handel, loodsen en walvisvaart
Vlieland lag op een strategische plek aan de monding van het Vlie, de vaarroute die de Noordzee met het binnenwater van het latere Zuiderzeegebied verbond.
- Wachten op de wind: handelsschepen, onder meer van de Hanze op weg naar steden als Stavoren en Kampen, wachtten voor de kust van Vlieland op een gunstige wind, en tot in de 17e eeuw profiteerde het eiland daarvan.
- Loodsen en kapiteins: veel eilanders verdienden hun brood als loods of als kapitein in de walvisvaart, een van de belangrijkste bronnen van inkomsten.
- Willem de Vlamingh: de ontdekkingsreiziger Willem de Vlamingh, in 1640 op Vlieland geboren, verkende in 1696 en 1697 de westkust van Australië.
Tromp's Huys: in het oudste huis van het eiland, Tromp's Huys, woonden commissarissen van de Admiraliteit; nu is het een museum over de walvisvaart, West-Vlieland, Willem de Vlamingh en de Noorse schilderes Betzy Akersloot-Berg, die er ook woonde.
West-Vlieland: het verdronken dorp
Lange tijd was niet Oost-Vlieland maar West-Vlieland, ook wel Westeynde, het hoofddorp van het eiland.
- Een bloeiend dorp: West-Vlieland wordt al in 1395 genoemd en telde rond 1600 meer dan 1.000 inwoners, met een middeleeuwse kerk, een molen, een armenhuis, een eigen vissersvloot en eigen bier.
- Een eigen wapen: in 1590 gaf Johan van Oldenbarnevelt het dorp een eigen wapen met een boom, en de toren van het raadhuis diende als baken voor de schepen.
- Bekende inwoner: de cartograaf en waterbouwkundige Nicolaus Cruquius werd er in 1678 geboren.
- Opgeslokt door de zee: waarschijnlijk veranderde de aanleg van de stuifdijk tussen Texel en Eierland in 1630 de stromingen, waarna de zee het dorp stukje bij beetje wegsloeg; in 1736 stonden er nog maar twee huizen en vertrokken de laatste bewoners.
- Stenen in de netten: in 1857 stond op de plek van het dorp zo'n 27 meter water, en vissers haalden nog regelmatig bouwstenen boven.

Oost-Vlieland: brand, kerk en raadhuis
Toen West-Vlieland verdween, werd Oost-Vlieland het enige dorp van het eiland, met een geschiedenis die je nog altijd in de Dorpsstraat ziet.
- Platgebrand (1575): aan het begin van de Tachtigjarige Oorlog werd Oost-Vlieland op bevel van de Spaanse gouverneur Caspar de Robles platgebrand, waarbij zo'n 400 huizen verloren gingen; opgravingen in 2023 bevestigden die brand.
- De kerk: op de plek van de middeleeuwse kapel verrees rond 1605 een nieuwe kerk, die in 1647 werd verbouwd tot kruiskerk; sinds 1997 heet zij de Nicolaaskerk.
- Scheepsmodellen en walviskaken: binnen hangen modellen van zeilschepen en buiten op het kerkhof herinneren walviskaken aan de walvisvaarders van Vlieland.
Het Oude Raadhuis: het Oude Raadhuis uit 1855 verving een raadhuis uit 1598; een gevelsteen met dat jaartal en het wapen van Vlieland herinnert daar nog aan.
De ramp van 1666 en de Lutine
De rede van Vlieland was een plek waar veel schepen samenkwamen, en daarmee ook een doelwit en een gevaarlijk vaarwater.
- Holmes's Bonfire (1666): op 19 augustus 1666 viel de Engelse admiraal Robert Holmes de rede van Vlieland aan en vernietigde de grootste koopvaardijvloot die ooit binnen de grenzen van de Republiek lag; een dag later brandde hij West-Terschelling plat.
- Een ooggetuige: de Vlielandse predikant Frans Esausz. den Heussen schreef er in 1667 een verslag over, dat nog altijd een belangrijke bron is.
- De Lutine (1799): in 1799 verging het Britse fregat Lutine met een lading goud in de zeegaten bij Vlieland, een scheepsramp waarover je meer leest in Tromp's Huys.
- Het Vlie verschuift: doordat de Vliestroom veranderde, kreeg Terschelling een gunstiger ligging, en kwam er een einde aan de bloeitijd van Vlieland.

De strijd tegen de zee
In de 19e eeuw was Vlieland verarmd, en de Noordzee bleef aan het eiland knagen.
- Strekdammen: vanaf 1854 werden langs de Noordzeekust strekdammen gebouwd, met de hand en bij laag water, met rijshout, palen en basalt dat per zeilschip werd aangevoerd.
- Bijna ontruimd (1921): omdat de kustverdediging zo duur was, overwoog de regering in 1921 serieus om Vlieland te ontruimen; het eiland bleef behouden, mede omdat het de latere Afsluitdijk beschermde.
Kroon's Polders: tussen 1900 en 1930 werden aan de zuidwestkant de Kroon's Polders aangelegd, zodat de zee het eiland niet in tweeën kon splitsen.
Bossen op het eiland: begin 20e eeuw werden bossen aangeplant, zoals het bosgebied Lange Paal; ze horen dus niet bij de oorspronkelijke begroeiing. Eendenkooi (1898): in 1898 werd de Oude Kooi aangelegd om wilde eenden te vangen; de onderneming werd geen succes en al in 1911 hield de vangst op.- De vuurtoren (1909): op de Vuurboetsduin, het hoogste duin van de Waddeneilanden, staat sinds 1909 de rode vuurtoren van Vlieland, die een toren uit 1836 verving.

De Tweede Wereldoorlog en een nieuwe provincie
In de Tweede Wereldoorlog werd Vlieland onderdeel van de Duitse Atlantikwall, en dat veranderde het eiland blijvend.
- Meer soldaten dan inwoners: de Duitsers bouwden onder meer twee batterijen luchtafweergeschut en legerden meer militairen op het eiland dan er inwoners waren.
- Van Noord-Holland naar Friesland: tot 1942 hoorde Vlieland bij Noord-Holland; de Duitsers deelden het eiland in bij Friesland, en dat werd na de oorlog niet teruggedraaid.
- Het Posthuis: het Posthuis in het westen van het eiland herinnert aan de tijd dat de post vanaf 1677 via Texel naar Vlieland kwam en dan verder ging naar Terschelling.
Nog altijd militair: een groot deel van de Vliehors, de enorme zandvlakte in het westen, is nu een oefenterrein van de luchtmacht en alleen in het weekend vrij toegankelijk.
Het eiland van nu
Na de oorlog groeide het toerisme uit tot de belangrijkste bron van inkomsten, terwijl Vlieland zijn rustige karakter wist te behouden.
- Autoluw eiland: bezoekers laten hun auto in Harlingen staan en nemen de boot naar Vlieland, waardoor het eiland een oase van rust bleef.
- Eigen tradities: op 5 december vieren de eilanders Opkleden, waarbij bewoners zo goed verkleed langs de huizen gaan dat zelfs familie hen niet herkent.
- Een verdwenen dialect: het Vlielands leek op het Texels, maar de laatste spreekster overleed in 1993 op 107-jarige leeftijd.
Nieuw leven in oude bunkers: sinds 2015 rijpt in een voormalige drinkwaterbunker in de Vuurboetsduin de Vlielander bunkerkaas.- Bekend van tv en festival: de serie Dokter Deen speelt zich op Vlieland af, en sinds 2009 trekt het festival Into the Great Wide Open elk jaar in september muziekliefhebbers naar het eiland.









